Wat gebeurt er bij een Obductie?

Bij een obductie opent de patholoog het lichaam van de overledene en worden de organen in het lichaam geïnspecteerd.
De organen worden één voor één uit het lichaam verwijderd, gewogen en ook ingesneden om de binnenkant te kunnen inspecteren. Vervolgens wordt van elk orgaan een klein stuk weefsel afgenomen voor microscopisch onderzoek.Het microscopisch onderzoek is belangrijk omdat niet alle afwijkingen met het blote oog kunnen worden gezien.

De organen worden teruggeplaatst in het lichaam van de overledene. Soms gebeurt het dat organen niet goed onderzocht kunnen worden. In die enkele gevallen neemt de patholoog het orgaan mee naar het laboratorium om het daar te bestuderen. Het lichaam wordt na de obductie gesloten en overgedragen aan de begrafenisondernemer.

Sporen van obductie meestal onzichtbaar

In principe zijn er geen sporen van de obductie zichtbaar, als de overledene wordt opgebaard. Alleen als mensen kaal zijn en er een schedellichting voor hersenonderzoek heeft plaatsgevonden is dit niet te voorkomen.
Als nabestaanden dit bezwaarlijk vinden dan kunnen zij dit bespreken met de arts. Er kan dan bijvoorbeeld een gedeeltelijke obductie gedaan worden.

Bij OZG aparte toestemming bij hersenonderzoek

In ons ziekenhuis wordt er voor het hersenonderzoek apart toestemming gevraagd aan de nabestaanden. Dit is echter wettelijk niet verplicht. Mocht u bezwaar hebben tegen hersenonderzoek, dan kunt u dit aan de arts kenbaar maken.

 

» terug