Een warm-welkom-gevoel in het Ommelander Ziekenhuis

vrijdag 12 mei 2017

Marina was 36 weken zwanger toen ze werd doorverwezen naar het Ommelander Ziekenhuis door de verloskundigenpraktijk. Haar ongeboren kindje groeide niet voldoende en Marina’s bloeddruk was te
hoog. In totaal verbleef zij 10 dagen in ons ziekenhuis. Marina vertelt over haar opnametijd en de
geboorte van haar kindje.

Hoe het begon

“7 oktober 2016 constateerde de verloskundige dat ik bijna geen vruchtwater meer had, dat de baby niet goed genoeg groeide, ik teveel eiwit in mijn urine had en mijn bloeddruk te hoog was. Dit waren genoeg redenen om ons door te sturen naar het ziekenhuis.
Eenmaal daar wezen bloed- en urine onderzoeken uit dat ik een zwangerschapsvergiftiging had. Gelukkig bleek het hartfilmpje (ECG) van ons kindje goed te zijn.”

Spannende dagen

“Met name de eerste dagen in het ziekenhuis waren erg spannend. We hadden vanaf het begin van de zwangerschap geen specifieke verwachtingen of hoop over de bevalling.
We zouden wel zien hoe het zou lopen. Maar dit scenario kwam toch wel erg onverwachts.”

Goede opvang

“Gelukkig werden we goed opgevangen door de verpleegkundigen. Ze voelden allemaal heel erg met ons mee en waren lief en duidelijk. Ze vertelden telkens opnieuw vertelden wat er komen ging. Hierdoor konden wij ons makkelijker overgeven aan de situatie. Op de tweede opnamedag werd ik ingeleid en nog een dag later beviel ik met een keizersnee van onze prachtige dochter Rosa Diana.
De eerste 2 dagen na de bevalling moest Rosa in de couveuse. Ondanks haar te lage geboortegewicht van 2 kilo deed ze het heel goed. Wij verbleven op de kraamafdeling,  maar mochten wanneer we maar wilden bij Rosa kijken. Na deze 4 dagen zijn we naar de kraamsuite verhuisd.”

Begeleiding bij borstvoeding

“Ik wilde heel graag borstvoeding geven, niet wetende dat dit bij baby’s met een laag geboorte gewicht veel energie kost. Rosa lag de eerste dagen apart en ik kon alleen maar plat liggen door de hoofdpijn die ik had. Als bijwerking van de ruggenprik verloor ik hersenvocht. Met een kleine ingreep is dit verholpen, maar het maakte het voeden er niet gemakkelijker op. Ik kreeg goede begeleiding van een lactatiekundige en heb dit als erg prettig ervaren. Ik heb hierdoor onze Rosa de eerste weken toch borstvoeding kunnen geven.”

Warm welkom

“Ik heb me geen moment ‘teveel’ gevoeld. Ik hoefde maar op een belletje te drukken en er stond een verpleegkundige naast mijn bed. Ze waren ook oprecht geïnteresseerd in hoe het met ons ging. Ook namen ze tussendoor tijd voor een praatje wanneer ze in ‘de buurt’ waren. Dit gaf me een warm-welkom-gevoel. Bij alle verpleegkundigen en artsen merkte en voelde ik de liefde voor hun vak. ”

Nazorg

“Het ging zo goed dat we na 10 dagen naar huis mochten. We zijn nog drie keer op nacontrole geweest bij de kinderarts. Deze verwees ons door naar de verpleegkundige babyconsulent vanwege darmproblemen en onrust bij Rosa. Tijdens het spreekuur ‘Ontwikkelingsgerichte zorg’ kregen we handvaten waar we echt wat mee konden. Zo heb ik toen geleerd dat, als Rosa’s handjes open waren wanneer ze huilde, ze aan het verwerken was.
Dan hield ik haar bij me, zonder haar proberen te troosten. Op deze manier kreeg ze niet nog meer prikkels door bijvoorbeeld praten of wiegen, maar kon ze haar prikkels juist rustig verwerken. Dit werkte goed en vanaf toen werd ze veel rustiger en begrepen we haar ook veel beter. Inmiddels is Rosa 6 maanden oud en is ze een hele vrolijke gezonde baby waar we iedere dag volop van genieten.”

Meer nieuws:

Naar nieuwsarchief »